De reis startte op 30 mei in Praag en werd op dinsdag 1 juli afgesloten in Imst [Tirol]
Bij de voorbereidende bespreking was afgesproken dat we tijdens de heenreis naar de eerste camping [Praag] op dezelfde campings zouden overnachten. Zo deden we vanuit verschillende richtingen 2 campings in Duitsland aan, Warburg en Machern. De plaatsen waren gereserveerd. De reis op Hemelvaartsdag verliep heel soepel, geen vrachtverkeer. Gevolg was wel dat rustplaatsen flink vol stonden met .… vrachtauto’s. Op vrijdag kwamen we in Praag aan, camping Sokol. Al snel vond ieder zijn plek. Door de regenval later bleken sommige gekozen plaatsen minder geslaagd en werd er met gebrekkig gereedschap en vooral handen opgehoogd, zodat het erf iets minder beroerd werd.
Het openbaar vervoer was er gunstig, een halte vlakbij de camping. De bus bracht ons naar het beginpunt van de metro, die ons snel naar het centrum vervoerde. Ben je > 65 en kun je dat aantonen ? Dan is vervoer gratis. Meermalen trokken we Praag in en deden de bekende plekken aan. Wat een mooie stad, met zijn beroemde Karlsbrug en Burcht die sommigen te hoog was [ca. 200 treden], maar zeer de moeite waard. Een rondvaart is aan GTCC-ers wel besteed. Het zicht vanaf het water is heel bijzonder. We zagen de auto’s van onze koning en koningin, die ook in de stad waren, op hoogte langs rijden. Ook het complex van de Joodse synagoge is vanuit de groep aangedaan.
Een deel van de groep maakte een fietstocht in de omgeving van de camping, op sommige momenten wel pittig, maar te doen. Een week vliegt om en zo vertrokken we vrijdag naar Linz. Op zondag namen we deel aan de eredienst van onze zusterkerk in Neuhofen. De in het Duits gehouden dienst was goed te volgen. De broers en zussen in het geloof ontvingen ons hartelijk, ook bij het koffiedrinken na afloop.
Sommigen deden Sankt Florian aan. Het Stift [soort klooster] op hoogte, ooit de werk- en woonplaats van organist en componist Anton Bruckner, was het doel. Ligging, vorm en inrichting wekten bewondering. Sommigen bezochten er op Pinkstermaandag het “dechantamt”, waarin een accent op muziek zou liggen. Feitelijk was het een R.K. eredienst, waarbij de Suite Gothique van Boëllmann de liturgie vorm gaf. Bijzonder voor protestanten om zoiets eens mee te maken. Die middag splitst de groep zich : een deel gaat naar v.m. Konzentrations Lager Mauthausen met zijn beruchte steengroeve en dito “Todessteige”, waar duizenden uitgeput en uitgemergeld door het werk in de groeve, het leven lieten of letterlijk van de berg af geduwd werden, hun dood tegemoet. Het bezoek maakt ons stil. Terug op de camping, vierden we de verjaardagen van Lina en Peter.
Dinsdag na Pinksteren vertrokken we in groepjes richting Wolfgangsee. Na aankomst en koffie kon ieder zijn plaats innemen. Camping Wolfgangblick is een prachtige locatie aan het meer, rondom bergen en aan de overkant Sankt Wolfgang, met een pontje vanaf de camping bereikbaar. Elke dag zwommen groepsleden in het heerlijke water van de Wolfgangsee. Vanaf de camping maakten we verschillende trips bv. met de kabelbaan vanuit Sankt Gilgen omhoog naar de Zwölferhorn en maakten daar een rondwandeling over de alm. Anderen fietsten langs een deel van de Wolfgangsee en genoten van een heerlijk ijsje in Strobl. Een andere dag gingen we met de bus – ook hier gratis – naar Salzburg. De bustocht is een belevenis op zich, vanwege het steeds wisselende landschap. In de stad splitste de groep zich naar belangstelling. Ieder kwam op zijn/haar manier onder de indruk van gebouwen, pleinen, parken, kerken en het uitzicht over de stad vanaf heuvels. Een aantal bezocht een middag-pauzeconcert op 4 van de 6 orgels in de Dom en nam deel aan het aansluitende gebed om vrede in deze woelige wereld. Anderen dwaalden heerlijk door de stad en deden bv. het klooster van de Kapucijnen aan, dat verheven boven de stad ligt. Ook het geboortehuis van Mozart kreeg aandacht.
Vanwege de warmte stelden we de plannen bij : De ene dag de wandeling in de schaduw langs het meer en aanliggende bos rondom de Burgstein, nabij Strobl. De route volgt een vlonderpad, vastgemaakt aan de rotswand, en verderop door het koele bos. Het pad stijgt en daalt wel behoorlijk, een verrassende en aangename wandeling, vond iedereen. Een ijsje na afloop – niet te versmaden !
De volgende dag in de morgenuren, voordat het al te warm zou worden, maakten wat mannen een wandeling over de Postalm bij Strobl, een van de grootste aaneengesloten bergweidegebieden.
In Abersee mochten we voor het bekijken en beluisteren van een digitaal meegebrachte kerkdienst gebruik maken van een koele ruimte achter de receptie van de camping. ’s Avonds kregen we te maken met een forse onweersbui met zeer krachtige windvlagen, veel regen en hagel. Gelukkig bleef alles staan. Maar zo’n bui verschilt behoorlijk van wat we “thuis” gewend zijn op dat gebied. Als mens voel je je nietig bij zulk natuurgeweld.
De tijd breekt aan om naar Imst te gaan. De campingbaas wijst de plaatsen aan naar de grootte van de caravan. De reis verloopt ook nu goed, maar niet zonder files, waar we dit jaar een abonnement op lijken te hebben. De aankomst in Imst is verrassend ; zo rijd je in een zaken- en winkelgebied, je passeert een paar huizen, rijdt de camping op en je verkeert in een totaal andere wereld. Rondom bergen en dalen, alleen natuur die je omringt, wat een ervaring !
De eerste gezamenlijke activiteit is met de fiets of auto naar de Rosengartenschlucht, die vanuit Imst-Zentrum naar Hoch-Imst voert. Tussen rotsen is een smalle spleet die gaandeweg omhoog loopt, soms met sterke stijging waar geklauterd moet worden. Onderweg staan we onverwacht oog-in-oog met een zeldzame grijze vogel : de Rotskruiper, maar …. als hij/zij de vleugels spreidt een prachtige vogel doordat de onderliggende fel rode veren zichtbaar worden, camera’s klikken. Het dier is druk met het voeren van jongen in een gat in de rotswand. Dan gaan we met twee kabelbanen – met de Imst-card gratis – omhoog en genieten van de ruime blik. Voor de terugreis kiezen sommigen voor de rodelbaan. Het genoegen van deze afdaling is de prijs ruimschoots waard, vinden de rodelaars. Tot hun verrassing zijn ze onderweg op de foto gezet. Als een ware trofee wordt die natuurlijk gekocht.
Een paar dagen later gaan we opnieuw met bus en kabelbanen naar dit hooggelegen uitzichtpunt, waar je lekker kunt zitten, zelfs liggen en van het wijdse uitzicht genieten. Het is nu een vlucht voor de verwachte hoge temperaturen. Boven is het inderdaad heel goed uit te houden. Sommigen gaan te voet hoger o.a. naar het Gipfel-Kreuz. Nu kiezen er meer voor een afdaling op de rodelbaan. Niet ieder durft zich er voluit aan over te geven, wat anderen belemmert in hun afdaling. Gelukkig komt iedereen gezond en wel aan in Hoch-Imst, waar een heerlijk ijsje of iets anders wacht.
Ook in Imst kan het weer spoken. De campingbasin waarschuwt ons dat zwaar onweer en forse windstoten verwacht worden. Ieder controleert of zijn spullen nog stevig staan en brengt dat zo nodig in orde. In de middag breekt het inderdaad los, zware regen gaat gepaard met hagel. We meten hagelstenen van 20 mm ! De wind komt vanuit het dal op ons aan zoeven, maar alles houdt stand.
Fietsen in Oostenrijk, het kan, maar heeft iets van een uitdaging. De hoge temperatuur helpt er niet bij. Ook in de buurt van stromend water moet er flink “op de pedalen gestaan” worden. Nu en dan is het echt te heftig en wordt er gelopen. We volgen een onverhard pad over de beboste bergvoet, dus meestal in de schaduw, richting Nassereith en nog verder naar de Fernsteinsee. Daar laten we ons een koele versnapering goed smaken. De terugweg is een stuk gemakkelijker, feitelijk dalen we iets en de weg is goed geplaveid. Moe, maar voldaan komen we op de camping aan.
Op vrijdag 27 juni fietsen langs de Inn, over een veelal vlak aangelegd fietspad. Ook nu weer indrukkend om tussen die bergkolossen door te fietsen. We moeten stoppen voor een opstijgende traumaheli, die gelukkig niet voor ons de lucht in gaat. In Schönwies eten we bij een fonteintje onze lunch. Het doel halen we uiteindelijk niet omdat het traject toch te sterk stijgt voor één van ons en we hebben afgesproken : “Als er 1 terug wil, draaien we allemaal om, samen uit, samen thuis”. Voor het zover is trakteren we onszelf op “hausgemachtes Eis” en dàt proefden we.
Met de auto maken we een tocht met heel veel haarspeldbochten door het Kaundertal, dat uitloopt op Kaundertaler Gletscher. Aan een stuwmeer onderweg eten we ons broodje op en wandelen wat rond. Aangekomen bij de gletsjer wandelen we op 2750 m. hoogte alsof het de gewoonste zaak van de wereld is en gooien met “sneeuwballen” naar elkaar. Jill, ons kamphondje, kan haar geluk niet op en rent rondjes door de sneeuw dat het een lieve lust is. Een smeltend deel van de gletsjer is ingepakt zodat het smeltproces minder snel verloopt. Sommigen wandelen door de inwendige gangen heen, indrukwekkend, en worden nat van vallend smeltwater.
Zaterdagavond maken we nog iets heel bijzonders mee : “Herr Jesu Abend” of “Heiligstes Herz Jesus”. Een Tiroler traditie, op de laatste zaterdag van juni worden als het donker is op bergtoppen of -hellingen vanouds vuren ontstoken in de vorm van christelijke symbolen. Nu gebeurt dat met lampen. Rondom ons verschijnen tal van die lichtvormen : kruisen, een gestyleerd hart, een avondmaalsbeker of doopvont, een rijzende ster, iets als een galg. Heel bijzonder, alle campinggasten turen “met open mond” naar de bergen.
Zondag beluisteren en bekijken we onder een luifel de opname van een kerkdienst en spreken we er bij de koffie met elkaar over. In de avond kijken we met elkaar terug op de reis. Dankbaarheid aan elkaar ; de sfeer onder elkaar was heel fijn, maar vooral aan onze Heer, die dit gaf en ons bewaarde, worden uitgesproken. Ook worden ideeën voor toekomstige reisdoelen benoemd.
Nadat op maandagmorgen 30 juni [in de middag bestaat regenkans] de boel droog is ingepakt houden we ’s avonds ons afscheidsmaal in een soort vissershut aan een viswaterplas. Ieder die iets meer dan gemiddeld voor het welslagen van deze reis betekend heeft, wordt vanuit de groep bedankt, een presentje ontbreekt niet.
Vervelende voorvallen bleven ons op deze reis niet bespaard, maar de meeste liepen verrassend positief af. Op de doorreis-camping in Machern bleek een bijzondere, vanwege inrichting, toiletgebouw en vooral vanwege de gasten. Mensen met een bijzonder voorkomen qua haardracht en kleding, een soort “flower-power community”. Een van ons reed met het linker wiel van de caravan door een verborgen gelegen greppel-met-duiker. Gevolg : de rol van de mover kwam muurvast tegen de band te zitten. Twee campinggasten schoten met een arsenaal aan gereedschap te hulp, zodat de rol los kwam van de band en de reis, voortgezet kon worden. Op camping Sokol werd een fiets vanonder het afdekzeil van de andere fiets losgeknipt en meegenomen. Onderling een fiets uitlenen vergoedt veel, maar zonder je eigen fiets voelt niet goed. Er raakten twee telefoons en een portemonnee van reisgenoten zoek, maar alle kwamen op bijzondere manier weer bij de eigenaren terug. Er zijn gelukkig nog veel eerlijke en behulpzame mensen.
Peter Laan maakte het verslag, Ies van den Akker maakte dit “uittreksel” voor de website.